DICHTBIJ

Bourbonne-les-Bains (11 km)
Vanwege zijn geneeskrachtige bronnen was Bourbonne lange tijd een druk bezocht en mondain kuuroord, met sjieke hotels, lommerrijke parken en wandelboulevards met klaterende fonteinen. De loop is er nu een beetje uit, maar kuren kun je nog steeds in de dagelijks geopende thermen ValVital. Daarnaast is ook het casino gevestigd. Het is nog steeds een gezellig stadje, met diverse restaurants, waar je ook prima inkopen kunt doen en een terrasje kunt pikken. Het uitzicht vanaf het parkje rondom het stadhuis is magnifiek.

Châtillon-sur-Saône (10 km)
Als je via de D417 het onaanzienlijk ogende dorpje binnenrijdt, kun je je nauwelijks voorstellen dat het ooit een welvarend en belangrijk stadje was. Vanwege zijn strategische ligging op een hoge rotsformatie vestigden de graven van Bar zich er in 1348. Zij bouwden er een kasteel en legden vestingwerken aan. In de eeuwen daarna is het diverse keren verwoest en ontvolkt geraakt.

Parkeer je auto (of fiets) bij de doorgaande weg, loop naar boven richting de kerk en laat je verrassen door het moois dat je tegenkomt: muren van de oorspronkelijke vestingwerken, een verdedigingstoren, een poort, middeleeuwse huizen met torentjes en herenhuizen in renaissancestijl. In augustus is het jaarlijkse Fête de la Renaissance, met muziek, theater, ridders, oude ambachten, hapjes, wijn en ander vertier. Voor kinderen een aanrader.

Een steile afdaling naar de Saône (hier nog maar een bescheiden stroompje) loont zeer de moeite: vanuit het rivierdal heb je een prachtig zicht op het hoger gelegen dorpje. Bovendien begint hier een schitterende wandeling naar Neuvelle.

Lac de Morimond (26 km)
Heerlijk zwemmen (of roeien, of vissen) kun je in het Lac de Morimond. Het is van oorsprong een van de vele imposante waterwerken die in de middeleeuwen aangelegd zijn door monniken. Zij bewoonden de nabijgelegen abdij van Morimond, ooit een van de vijf grootste cisterciënzer kloosters van Frankrijk. Er zijn nog maar een paar overblijfselen van terug te vinden. Het idyllische meertje is omringd door bossen, het is er aangenaam stil en je kunt er bovendien heerlijk lunchen (en dineren) op het terras van het aan de oever gevestigde restaurantje.

Jussey (12 km)
Jussey is zo’n typisch Frans, ooit levendig provinciestadje dat steeds meer ontvolkt raakt, maar dapper poogt de moed er in te houden. En ach, er zijn hier en daar best nog wel pittoreske straatjes en huisjes te vinden, en ook wel een terrasje, maar je moet er wel mooi weer bij hebben. Als je gaat, ga dan op dinsdagochtend, want dan is er markt in de hoofdstraat. De gebraden kippetjes en de kazen uit de streek zijn niet te versmaden. Ook is er een mooie wandeling, die op de heuvel achter het stadje begint.

VERDER WEG

Colombey-les-Deux-Églises (106 km)
Dit dorpje is vooral bekend als de woonplaats en laatste rustplaats van de Charles de Gaulle, die er elk weekend doorbracht in zijn geliefde landhuis La Boisserie. Na zijn aftreden in 1969 trok hij er zich definitief terug en hij overleed er een jaar later. De grafsteen van De Gaulle en zijn echtgenote, vlak naast de kerk, is zeer eenvoudig en bevindt zich naast het graf van hun eerder overleden gehandicapte dochter.

La Boisserie, dat nog steeds eigendom is van De Gaulles familie, is nu een museum. Vanachter zijn werktafel kan men door een raam uitkijken op de heuvels, precies in de richting van Parijs. De begraafplaats is inmiddels voor veel Fransen een soort bedevaartsoord geworden, waarvan veel eretekenen getuigen. Op een nabijgelegen heuvel werd een reusachtig, 44 meter hoog Kruis van Lotharingen opgericht ter ere van ‘generaal’ De Gaulle. In Colombey zijn diverse goed restaurants waar je lekker kunt lunchen.

Domrémy-la-Pucelle (72 km)
Wie ook maar iets met geschiedenis heeft, kan niet om Domrémy-la-Pucelle heen. In dit dromerige, aan de Maas gelegen dorpje werd in 1412 de legendarische Jeanne d’Arc geboren. Zij zou als jong meisje stemmen uit de hemel hebben gehoord die haar opriepen Frankrijk te bevrijden van de Engelsen. Haar geboortehuis staat er nog en is te bezoeken. Ernaast bevindt zich een aan Jeanne gewijd museum. Iets ten zuiden van het dorp staat de behoorlijk imposante (en ook best wel protserige) aan Jeanne-d’Arc gewijde basiliek. Metershoge schilderijen aan de muren vertellen haar tot de verbeelding sprekende levensverhaal, eindigend met haar dood op de brandstapel in 1431.

Ook de moeite waard zijn tripjes naar het kasteel van Ray aan de Saône, het bergdorp Gérardmer in de Vogezen, de glasblazerij in La Rochère of het middeleeuwse Luxeuil les Bains met zijn prachtige kerk en abdij.